De
Kuip geweest. Daar rijd ik dan echt heel rustig naar toe hoor! Ik heb toen een tijdje de trai
ning van het eerste gevolgd en er met enkele echte Feyenoord-supporters staan kletsen.
Die vroegen mij natuurlijk wel meteen of ik niet bij de verkeerde club was, maar de sfeer
was toch vooral ontspannen en gezellig. Ik vind Feyenoord een fantastische club met een
geweldig stadion. Het mooiste stadion van Nederland, met afstand. Dat voel je als je er op
een doordeweekse middag komt. In de ArenA waan je je op een bedrijvenpark, waar af en
toe ook een potje wordt gevoetbald. Maar zo is het niet in Rotterdam, want de Kuip ademt
voetbal. De rivaliteit tussen PSV, Feyenoord en Ajax vind ik goed, die moet er blijven.
Helaas zit er tussen alle aanhangers van de grote drie dat ene procentje dat ervoor zorgt
dat de andere negenennegentig procent niet altijd zorgeloos kan genieten van de gezonde
rivaliteit.'
Denk je dat er voor de grote drie nog kansen zijn om de aansluiting met de Europese top
te hervinden?
'De Nederlandse geldstroom spreekt in ons nadeel, dat is een gegeven. We werken dus
immer vanuit een financiële achterstand. Gelukkig is de opleiding altijd de kracht van Ajax
geweest en dat moet ook zo blijven. We zullen de successen moeten blijven koesteren en
iedere club zal zijn eigen koers moeten blijven vasthouden. Gelukkig hebben ook AC Milan
en Barcelona, ondanks al het geld, weieens een dip. Vorig jaar heeft Ajax bewezen met
eigen jeugd heel ver te kunnen komen. Zoveel scheelt het toch niet als je in blessuretijd
door de latere kampioen van Europa wordt uitgeschakeld. Feyenoord heeft de UEFA Cup
gewonnen, een geweldige prestatie waarmee wordt bewezen dat het nog steeds kan in
Nederland. Kortom, we moeten streven naar de Europese middenmoot met af en toe een
uitschieter. Dat lijkt me reëel.
'Het Nederlands elftal is een ander verhaal. Daar is iedere keer weer sprake van opge
klopte en veel te hoge verwachtingen. Alleen de eerste plaats in een eindtoernooi telt in
de ogen van de Oranje-supporters, terwijl in mijn ogen plaatsing voor het eindtoernooi al
heel wat is. Toen we in 1998 de halve finale van Brazilië verloren na strafschoppen, was dat
een fantastische prestatie. Absoluut top. We moeten echt realistisch blijven. Neem de
jeugd van Oranje als voorbeeld: die ploeg kan nog net van de Faroër Eilanden winnen, maar
daar blijft het ook wel zo'n beetje bij. Dat zegt toch wel iets.'
Zou je zelf niet eens een wedstrijd willen verslaan, in plaats van alleen maar te presente
ren?
'Nee. Ik ben tevreden met wat ik doe. Wij zijn zondagmiddag een soort zenuwcentrum van
de Nederlandse sport, alles rolt daar binnen. Vanuit mijn sportinteresse vind ik dat dus
heel erg leuk. In mijn avondprogramma 't Hek van de dam heb ik meer ruimte voor kleur en
kan ik bepaalde mensen op mijn eigen manier interviewen, wat ten opzichte van Langs de
lijn voor een juiste afwisseling zorgt. Verslaggeving beschouw ik als een ander vak. Dat
heb ik nooit geambieerd, presentatie past meer bij mij.'
Mis je in je huidige werkzaamheden als presentator niet de spanning die je als speler en
bondscoach wekelijks voelde?
'Ik heb van mijn 16de tot en met mijn 41ste op het veld gestaan. Altijd op het hoogste
niveau. Bijna 25 jaar topsport achter elkaar, dag-in-dag-uit. De cirkel was op een gegeven
moment rond. Zo heb ik het tenminste ervaren. Ik vind het juist plezierig om nu met min
der spanning en wat meer afstand mijn werk te doen. Ik mis die spanning niet. Achteraf
moet ik toch vaststellen dat ik veel op mijn talent heb geteerd, hoewel ik er wel altijd hard
1H7