Tribuneliederen (2)
Het ontstaan van de tribuneliederen (2)
-19-
3. Tijdens de jaren zestig barstte in de kelders en clubs van Liverpool de wereld van
de popmuziek los. Het tijdperk van de Beatles was aangebroken en de Merseyside
werd plotseling het middelpunt van een populaire cultuur. De jonge fans op de
Liverpoolse voetbaltribunes brachten trots hun nieuwe songs mee naar de wedstrij
den en gaven er vóór de wedstrijden vertolkingen van. Het kwam er op neer dat ze
wilden zeggen: "^Vij zijn het brandpunt van de eigentijdse muziek." Door deze
muzikale ontwikkeling was de tijd rijp geworden voor het versmelten van de drie
verschillende invloeden: het Victoriaanse hymnezingen, het schreeuwen uit Italië
c.q. ritmisch klappen uit Brazilië en tenslotte de Beatles-rage. Op de steil oplopende
-destijds beroemde- Spion Kop-tribune van Liverpool (kortweg "de Kop") was van
alles wat te vinden, en de tribuneliederen werden geboren. Als een lopend vuurtje
verspreidde het zich van club naar club over geheel Groot-Brittannië en later de rest
van Europa. Overigens zijn ook enkele door Ajax-fans gezongen liederen afgeleid
van oude Beatlessongs, zoals "All we are saying, is give us a goal" (Hey Jude), "La
la la la la la la, la la la la, Ajax" (Give peace a change) en "Heel feynoord is sero
positief" (Yellow submarine).
Alvorens verder in te gaan op de verspreiding van de tribuneliederen, vertellen we iets over
"de Kop" zelf.
Deze tribune achter één van de goals was oorspronkelijk een enorme open helling. Bij vrijwel
alle voetbalsupporters in de jaren '80 was deze bekend, om niet te zeggen berucht gewor
den. Hij had het aureool van het heilige Mekka van de staantribunes, die alleen door ware
ingewijden betreden mocht worden. Alleen een gek of een potentiële zelfmoordenaar zou
daar komen met bijvoorbeeld een blauwe (Everton) das.
"De Kop" is op een ongewone manier aan zijn naam gekomen. Op de avond van 22 januari
1900 waren Britse troepen die in Zuid-Afrika in de Boerenoorlog vochten, in een bloedig
gevecht gewikkeld dat vele levens kostte. In hun pogingen om hun kameraden in Ladysmith
te ontzetten, ontmoetten ze een ontzagwekkend obstakel, namelijk een verdedigde heuvel die
Spion Kop heette. De strijd om deze heuvel ging de hele nacht door en tegen zonsopgang,
toen de top genomen was, was de oppervlakte rood gevlekt door het bloed van 2.000
mannen. De overwinning hield echter niet lang stand, omdat de Britse commandant -om ver
der bloedvergieten te voorkomen- gedwongen was om zijn manschappen zich te laten terug
trekken. De volgende dag was de Spion Kop opnieuw bezet door de Boeren. Er was niets be
reikt, maar er was grote moed getoond en de herinnering aan die moed werd door de
overlevenden mee naar huis gebracht, naar Engeland. Sommigen van hen waren afkomstig
uit Liverpool, en toen ze als helden in hun stad terugkeerden, brachten ze het schokkende
verhaal over de bloedige nacht op de Spion Kop met zich mee. Het duurde niet lang of ineens
stonden ze weer op een helling -de grote glooiing aan de ene kant van Anfield Road- te kijken